Partikel- en koolstofemissies op de weg gemeten.

Real Driving Emissions (RDE).

Bij de nieuwe certificeringsmethode worden ook schadelijke stoffen in het reële voertuiggebruik op de weg gemeten: de WLTP-certificering in het laboratorium wordt bij de nieuwste emissienormen Euro 6c, Euro 6d-TEMP en Euro 6d aangevuld met een meting van de emissies van schadelijke stoffen op de weg. De meting van de "Real Driving Emissions", afgekort RDE, moet garanderen dat de grenswaarden voor stikstofoxiden en het aantal partikels niet alleen in laboratoriumomstandigheden, maar ook in reëel gebruik op de weg niet overschreden worden. Daarvoor worden PEMS-toestellen (Portable Emission Measurement System) op het voertuig bevestigd, die het aandeel van de schadelijke stoffen in de uitlaatgassen tijdens het rijden meten.

Een zogenaamde conformiteitsfactor (Conformity Factor, CF) geeft aan hoeveel hoger de in reëel gebruik gemeten waarden maximaal mogen zijn ten opzichte van de Euro 6-laboratoriumwaarden. Na een overgangsfase mogen de waarden voor stikstofoxiden en het aantal partikels bij de emissienorm Euro 6d nog slechts 50% hoger liggen dan de in het laboratorium voorgeschreven waarden. Deze afwijking vertegenwoordigt de meettolerantie van de draagbare meettoestellen in RDE-testen en moet jaarlijks gecontroleerd en desgevallend gereduceerd worden.