WLTP en RDE – de nieuwe testmethodes.

Ook certificeringsmethodes verouderen. Daarom lost de "Worldwide Harmonized Light Vehicles Test Procedure", afgekort WLTP, de NEDC-methode af om de verbruiks- en emissiewaarden te meten. De sinds 1992 in Europa gebruikte "New European Driving Cycle" (NEDC) werd oorspronkelijk ontwikkeld als theoretische testrit. Een moderne certificeringsmethode moet echter waarden leveren die de realiteit zo goed mogelijk benaderen. De NEDC-methode voldoet niet langer aan die vereiste. Daarom werd op initiatief van de Europese economische commissie van de Verenigde Naties (UNECE) de WLTP-methode ontwikkeld. De nieuwe WLTP-cyclus is gebaseerd op empirisch gemeten, werkelijke rijgegevens van ritten in Azië, Europa en de VS en is daardoor aanmerkelijk representatiever.

Bovendien worden bij de nieuwe certificeringsmethode emissies van schadelijke stoffen in het reële voertuiggebruik op de weg gemeten: de WLTP-certificering in het laboratorium wordt bij de nieuwste emissienormen Euro 6c, Euro 6d-TEMP en Euro 6d aangevuld met een meting van de emissies van schadelijke stoffen op de weg. De meting van de "Real Driving Emissions", afgekort RDE, moet garanderen dat de grenswaarden voor stikstofoxiden en het aantal partikels niet alleen in laboratoriumomstandigheden, maar ook in reëel gebruik op de weg niet overschreden worden.

Transparanter en dichter bij het verbruik op de weg.

De WLTP-methode beperkt aanmerkelijk het verschil tussen de op de testbank gemeten waarden en de reële verbruikswaarden. Dat is te danken aan de nieuwe rijcyclus, die dichter aanleunt bij de huidige rijprofielen. Bovendien moeten de verbruikswaarden specifiek voor elk voertuig bepaald worden. Dit betekent: bij het bepalen van de certificeringswaarden worden de massa, de lucht- en rolweerstand en de opties in aanmerking genomen. Daarbij komt de meting van de "Real Driving Emissions", afgekort RDE, die garandeert dat de grenswaarden voor stikstofoxiden en het aantal partikels niet alleen in laboratoriumomstandigheden, maar ook in reëel gebruik op de weg niet overschreden worden.

Toch kan ook WLTP geen "individuele" verbruikswaarden leveren. Het blijft een gestandaardiseerde testcyclus, die niet het persoonlijke verbruik van elke bestuurder kan weergeven. Het werkelijke verbruik van een voertuig op de weg hangt in belangrijke mate af van het individuele rijgedrag, het wegprofiel, de verkeersdrukte, de belading van het voertuig en andere omstandigheden, zoals de temperatuur. Dat kan met een gestandaardiseerde testmethode niet een op een gereproduceerd worden.